De geboorte van een leger, 1830-1909

Van het prille begin tot de vooravond van de Eerste Wereldoorlog

Moderators: Exjager, piot1940, Bram1940

Plaats reactie
Gebruikersavatar
Paddy
Berichten: 7570
Lid geworden op: 28 mei 2011 10:25
Locatie: Dendermonde, Idiot Trench
Contacteer:

De geboorte van een leger, 1830-1909

Bericht door Paddy » 28 mei 2011 15:58

Geplaatst: 24 Mei 2010 7:40
Paddy schreef:De geboorte van een leger
175 jaar België


België viert zijn 175e verjaardag. Een unieke kans om het militaire aspect van onze onafhankelijkheidsverklaring onder de loep te nemen. Hoe ontstond het Belgische leger? Hoe werden de allereerste eenheden samengesteld? Hoe verliepen de eerste maanden van dit kersverse leger?
In mei 1814 wordt Napoleon voor de eerste keer verslagen. Hij treedt af en trekt zich terug op het eiland Elba. Door het verdrag van Parijs herwint Nederland zijn onafhankelijkheid. Om een nieuwe Franse aanval te voorkomen eigent het zich het Belgische grondgebied toe als bufferzone. Op 26 juni 1814 bevestigt het protocol van Londen de fusie van beide landen. Het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden wordt geregeerd door Willem I van Oranje. De terugkeer van Napoleon uit ballingschap zet alles weer op losse schroeven. Uiteindelijk wordt hij definitief verslagen in Waterloo en later verbannen naar het eiland Sint-Helena. Ondanks de economische en sociale vooruitgang is de Belgische bevolking zeer misnoegd over de absolute heerschappij van de vorst en zijn favoritisme tegenover de Nederlanders. De kloof tussen de twee landstalen groeit en de schrille tegenstelling tussen de overwegend katholieke Belgen en de protestantse Nederlanders neemt toe. In 1827 sluiten Belgische katholieken en liberalen een overeenkomst en overhandigen de koning twee petities. De eerste, uit 1828, telt ongeveer 40.000 handtekeningen. Een jaar later volgt de tweede, die door meer dan 300.000 mensen wordt getekend. Willem is echter ziende blind en de wrevel groeit.

Op 25 augustus 1830 wordt in de Brusselse muntschouwburg de opera ‘De stomme van Portici' opgevoerd, over de Napolitaanse opstand tegen de Spaanse bezetters. Enthousiast herneemt het publiek het refrein: “Heilige liefde voor het vaderland, geef me moed en trots.” Er breken spontaan rellen uit en de massa plundert verschillende woningen van gezanten van de Nederlandse regering.

Opstand


Onder leiding van Emmanuel van der Linden d'Hoogvorst richten enkele dappere mannen een burgerwacht op. Vrijwilligers vormen eenheden die voor hun embleem terugvallen op de oude kleuren zwart-geelrood van de Brabantse Omwenteling van 1789 (zie kader). Willem stuurt een 6.000- koppig leger naar België, onder leiding van zijn twee zonen. Wanneer op 30 april de eerste troepen in Vilvoorde arriveren, werpen de Brusselaars barricades op en bereiden zich voor op de strijd. Willems oudste zoon kiest voor een diplomatieke oplossing en op 1 september ontmoet hij de leiders van het verzet. De troepen trekken zich terug tot in de buurt van Antwerpen. Na twee dagen van onderhandelingen keert de prins terug naar Nederland, met de eisen van de Brusselse notabelen. Zij wensen een administratieve scheiding tussen Noord en Zuid. En dan volgen de gebeurtenissen elkaar zeer snel op…
De onlusten nemen toe en in verschillende Belgische steden ontstaan opstootjes. In Brussel wordt een openbaar veiligheidscomité opgericht dat echter geen lang leven beschoren is. Op 19 en 20 september wordt het door het volk verjaagd. Tegelijk wordt ook de burgerwacht ontwapend. Willem heeft er nu schoon genoeg van en beveelt zijn zoon Frederik om op te trekken naar Brussel en er de orde te herstellen. Die beslissing steekt de lont in het kruitvat en de Belgen maken zich op voor de strijd. Van overal stromen vrijwilligerseenheden toe om de opstand te steunen. De eerste Nederlandse troepen dringen Brussel binnen op 23 september. De barricades houden hen tegen en ze worden onthaald op een kogelregen van de vrijwilligers en op de razernij van de Brusselaars. In het park wordt hevig gevochten. In de nacht van 26 op 27 september trekt Frederik zijn troepen terug. De zege van de opstandelingen veroorzaakt algemene euforie en ook andere steden schudden de ketenen af. Het in België gelegerde Hollandse garnizoen, dat voor een groot deel uit Belgische soldaten bestaat, desintegreert. Op 4 oktober roept het Voorlopig Bewind de onafhankelijkheid uit van de Belgische provincies. De bevrijding van het grondgebied loopt op haar einde. Achtervolgd door de vrijwilligers, worden de Hollandse troepen teruggedreven tot tegen de Nete. Ze behouden enkel de forten van Antwerpen en Maastricht. Op de conferentie van Londen van 4 oktober stellen Engeland, Oostenrijk, Frankrijk, Pruisen en Rusland een wapenstilstand voor en erkennen de onafhankelijkheid van België.
Een leger samenstellen
Een van de eerste taken van het Voorlopig Bewind is het oprichten van een geregeld leger. Op 27 september wordt André Jolly benoemd tot commissaris-generaal van het leger. Op 31 oktober ruimt hij plaats voor kolonel Goblet. Deze veteraan uit het leger van Napoleon en van Willem van Oranje behaalde in 1811 zijn diploma aan de polytechnische school van Parijs. Op 21 januari 1831 promoveert hij tot generaal-majoor. Op 26 januari wordt hij onze allereerste minister van Oorlog. De krijgsmacht wordt met zeer uiteenlopende middelen samengesteld. Een allegaartje van patriotten die tegen de Nederlanders vochten en Belgische soldaten uit het Nederlandse leger die door het Voorlopig Bewind van hun eed van trouw aan Willem worden ontslagen. Deze laatsten krijgen het bevel om, na het vertrek van de aan Nederland trouw gebleven soldaten en onderoffi cieren, terug te gaan naar hun kwartieren en hun eenheden te reorganiseren. Onze infanterie-afdeelingen worden zo evenveel van 1 tot 11 genummerde Belgische liniere gimenten en drie cavalerie-afdeelingen worden het 1ste en 2de Regiment Jagers te Paard en het 1ste Kurassiersregiment. Het 1ste Regiment Lansiers wordt samengesteld uit onderdelen van drie andere cavalerieafdeelingen. Het 2de Lansiers verzamelt cavaleristen uit verschillende eenheden. Daar komen nog een bataljon veldartillerie te voet en twee artilleriebataljons van de militie bij. Deze omvatten vijf eenheden, maar de artillerie-militie, die enkel wordt ingezet voor de verdediging van vestingen, is weinig mobiel. In november en december 1830 worden van elk type vijf bijkomende eenheden gevormd, evenals twee eenheden voor het vervoer van de artillerie-uitrusting en een compagnie artilleriewerkers.

Bij de genie, de intendance en de geneeskundige dienst moeten ze van nul beginnen, want voor het nieuwe leger kan geen enkele Nederlandse eenheid worden overgenomen. Een eerste poging mislukt, maar in januari 1831 ziet een eenheid van geniesoldaten dan toch het daglicht. Aan elk legerkorps van ongeveer 10.000 soldaten wordt een ambulance-eenheid toegewezen en tien garnizoensteden openen een militair hospitaal. De intendance daarentegen
geraakt niet georganiseerd en dit zal ons leger bij de komende veldtochten in moeilijkheden brengen. Na de gevechten van september zijn veel vrijwilligerseenheden actief gebleven; ze leveren een zeer waardevolle bijdrage, vooral bij de infanterie. In oktober 1830 hebben sommige eenheden zich gereorganiseerd in drie brigades van vrijwilligerskorpsen, die op 30 maart 1831 uitgroeien tot het 12de Linieregiment en het 2de en 3de Regiment Jagers te Voet. Een bataljon van Brusselse en later bijgekomen vrijwilligers vormen het 1ste Regiment Jagers te Paard. Ook de cavalerie wordt een vrijwilligerseenheid rijker: de in oktober 1830 te Luik opgerichte eenheid van de kozakken van de Maas krijgt de nieuwe naam van Compagnie Gidsen. Zij zal uitgroeien tot het 1ste Regiment Gidsen. Uiteindelijk krijgt
ook de artillerie een elfde veldeenheid, samengesteld uit vrijwilligerseenheden. De Belgische leden van de koninklijke marechaussee vormen een rijkswachtkorps. Er worden zelfs plannen gemaakt om een Belgische zeemacht op te richten, maar die plannen blijven opgeborgen tot de Tiendaagse Veldtocht.

Personeel

De soldaten en onderoffi cieren van het pas opgerichte leger bestaan uit vier categorieen. De eerste groep bestaat uit beroepsveteranen van het Nederlandse leger. Ze zijn overal afgedeeld, vooral bij de cavalerie en de veldartillerie. In de tweede groep komen de eerste dienstplichtigen terecht. De eerste lichting die wordt opgeroepen onder het nieuwe regime is die van 1831, maar omwille van personeelsgebrek moeten ook de lichtingen van 1826 tot 1830 onder de wapens (blijven). Dienstplichtigen worden op dat moment nog met loting opgeroepen aan een verhouding van één man per 500 inwoners. De dienstperiode bedraagt vijf jaar. De dienstplichtigen vormen het grootste deel van de elf eerste linieregimenten en van de artillerie-militie. De derde groep zijn de vrijwilligers die in september strijd leverden. Zij worden vooral ingedeeld bij het 12de Linieregiment en bij de drie regimenten van Jagers te Voet. De vrijwilligers van na de onafhankelijkheidsverklaring vormen de laatste groep. Zij komen terecht in alle geledingen, maar vooral bij de bataljons van vrijwillige tirailleurs, niet ingelijfde eenheden die zullen blijven bestaan tot aan de Tiendaagse Veldtocht. De nieuwe soldaten hebben nog geen uniform, ze beschikken enkel over de oude Nederlandse tenues. Die worden een beetje aangepast om de Nederlandse soldaten van de Belgische te onderscheiden. De zwakste schakel van ons leger zijn de officieren, of het gebrek eraan. Onder het oude regime bestond dit korps voornamelijk uit Nederlanders, ook al waren de meeste soldaten Belgen. Bij de infanterie bijvoorbeeld waren er slechts drie van de 25 kolonels van Belgische afkomst. Bij de cavalerie was het iets beter, drie Belgische kolonels op een totaal van zeven. De artillerie was er slecht aan toe; de hoogste graad van een Belg was die van majoor. Bij de genie waren maar vijf Belgische kapiteins, één luitenant en drie onderluitenants. In het totaal is er een tekort van 1.600 officieren bij de infanterie, 150 bij de cavalerie, 80 bij de artillerie en 30 bij de genie, die van de staf en de diensten niet meegerekend. De infanterie en de cavalerie putten uit het kader van reserveofficieren om dit probleem op te lossen. Ze rekruteren ook bij de vrijwilligerseenheden waar veel officieren te vinden zijn. Spijtig genoeg primeert hier de kwantiteit boven de kwaliteit. De artillerie lost het anders op. Zij vissen jonge kandidaten op die een bepaald studieniveau hebben maar nog een aangepaste opleiding moeten krijgen. Aan de genie worden tijdelijk alle beschikbare ingenieurs en technici van bruggen en wegen toegewezen. Er wordt ook een beroep gedaan op buitenlandse officieren, vooral voor staffuncties.

Tiendaagse veldtocht

Op 9 juli 1831 aanvaardt België het verdrag van de XVIII artikelen dat door de vijf grootmachten wordt voorgesteld als voorwaarde voor vrede. Willem van Oranje verwerpt de overeenkomst wegens te voordelig voor de Belgen. Hij wil de verloren provincies heroveren en maakt zich op voor een nieuwe militaire actie. Op 21 juli 1831 wordt het onafhankelijke België een koninkrijk. Leopold I legt de eed af. Nog geen twee weken later vallen de Nederlanders aan. Zonder staf of noemenswaardige intendance staat ons leger machteloos. Het gebrek aan leiding en de slecht geklede, ondervoede soldaten zonder uitrusting zijn absoluut geen partij voor het perfect georganiseerde aanvalsleger. De kern van ons leger is verspreid over vier kleine geïsoleerde legertjes. De gevechtseenheden van de Schelde en de Maas tellen elk drie infanterie-eenheden, één cavalerie-eenheid, vier artillerie-eenheden en twee genie-eenheden. De Vlaamse gevechtseenheid heeft twee linieregimenten, één tirailleur-eenheid en een artillerie-eenheid. De gevechtseenheid van Luxemburg beschikt over één eenheid van het 7deLinieregiment, tien onvolledige tirailleureenheden en twee artillerie-eenheden. De vesting van Antwerpen valt onder het gezag van de commandant van het Scheldeleger en wordt verdedigd door drie linieregimenten en drie artillerie-eenheden. Enkel het Scheldeleger heeft op 2 en 3 augustus contact met de vijand. De Belgische commandant vermoedt dat de Hollanders de vesting in Antwerpen willen innemen. In werkelijkheid probeert het vijandige leger de samenvoeging van het Scheldeleger en het Maasleger te verhinderen zodat ze elk apart kunnen bestreden worden. Na enkele kleine schermutselingen levert de eenheid van de Maas op 6 augustus een eerste grote slag in Zonhoven. De volgende dag behalen ze zelfs een overwinning in Kermt. Sommige regimenten hebben wel al twee dagen geen proviand meer gekregen. De uitgehongerde soldaten trekken zich terug richting Luik. Op 11 augustus keren de Hollanders zich tegen het Scheldeleger, dat zich moet verschansen in Leuven. De situatie lijkt uitzichtloos, maar in Frankrijk beslist koning Louis-Philippe om in te grijpen. Op 10 augustus steekt de voorhoede van het leger van veldmaarschalk Gérard onze grens over en nadert Brussel en Waver. Leopold stelt de prins van Oranje een wapenstilstand voor. Er volgen enkele kleine gevechten en op 14 augustus breekt de hel los. Aan weerskanten zijn de verliezen minimaal: 120 doden en 550 gekwetsten aan de Hollandse kant, een honderdtal doden en ongeveer 450 gekwetsten in het Belgische kamp. De Belgen ontsnappen op het nippertje aan een zware nederlaag en Willem van Oranje beseft dit. Het in Londen op 14 oktober 1831 afgesloten verdrag van de XXIV artikelen is niet zo gunstig voor het jonge koninkrijk, dat een deel van de provincies Limburg en Luxemburg verliest. Maar ter compensatie wordt het statuut van gewapende neutraliteit gewaarborgd door de vijf grootmachten. België ondertekent het verdrag op 15 november. Willem zal dit pas doen in 1838. De Hollandse dreiging blijft als een zwaard van Damocles boven ons hoofd hangen. In die periode blijft het Belgische leger groeien, maar dat is een ander verhaal…

http://www.mil.be/vox/subject/index.asp ... 928&PAGE=3
Greetings from a Little Gallant Belgian
Patrick De Wolf
Militaria-Ruilbeurs Hangar 42 Dendermonde,http://www.facebook.com/Hangar42Militaria
There is a very fine line between "hobby" and "mental illness".

Gebruikersavatar
Paddy
Berichten: 7570
Lid geworden op: 28 mei 2011 10:25
Locatie: Dendermonde, Idiot Trench
Contacteer:

Re: De geboorte van een leger, 1830-1909

Bericht door Paddy » 28 mei 2011 15:58

Paddy schreef:Gewapende neutraliteit

In het kader van 175 jaar België vervolgen we onze zoektocht naar de wortels van het Belgische leger. Na de Tiendaagse Veldtocht volgt een periode van vrede die meer dan tachtig jaar zal duren. Toch staan onze militairen niet op non-actief.
Willem van Oranje weigert het verdrag van de XXIV artikelen te ondertekenen. Zijn troepen bezetten nog steeds het fort van Antwerpen, maar in december 1832 kan een nieuwe interventie van het Franse leger hen verjagen. De Belgen van hun kant blijven heer en meester in Venlo, in Nederlands Limburg. Tot in 1839 zorgen verschillende kleine grensgeschillen in Limburg en Luxemburg voor problemen maar leiden niet tot ernstige conflicten. Het Belgische leger blijft wel op voet van oorlog met zijn buur.
Ons leger heeft nood aan een vast trainingsterrein en aan een concentratiezone in de nabijheid van de Nederlandse grens. Men beslist om op de heidevlakte van Beverlo een nieuw kamp te bouwen. De werken starten in mei 1835, op een plaats die we nu kennen als Leopoldsburg.

Reorganisatie

De Tiendaagse Veldtocht heeft meer dan één zwakke plek in de organisatie van het jonge Belgische leger blootgelegd. Uit noodzaak moest de leemte in het officierskader opgevuld worden, maar de kwaliteit is navenant! En ook al blijven enkele buitenlandse officieren dienen in ons leger, toch is de enige oplossing de oprichting van een militaire school, wat dan ook gebeurt op 7 februari 1834.
De geneeskundige dienst en de intendance worden grondig hervormd. Tussen 1 december 1831 en 25 april 1832 verleent de koning een vlag aan de twaalf linieregimenten en een vaandel aan de vijf cavalerie-eenheden. Op 24 januari ontstaat uit de Compagnie Gidsen van de Maas een volledig regiment dat op 17 december het vaandel ontvangt. In 1831 wordt beslist om het 2de Kurassiersregiment op te richten, dat echter pas op 16 juni 1836 het levenslicht ziet en op 23 september 1838 het vaandel krijgt.

De artillerie evolueert in opeenvolgende stadia. Aanvankelijk wordt ze in 1834 gereorganiseerd tot een veldregiment en drie belegeringsbataljons. Vervolgens in 1836 tot drie regimenten, elk bestaande uit zes veldbatterijen en zes belegeringsbatterijen.
Bij de infanterie telt elk bataljon van de linieregimenten zes compagnieën, waaronder één grenadier- en één tiralleurcompagnie. Alleen door de wol geverfde soldaten worden toegelaten en ze worden beschouwd als elite-eenheden. Op 8 mei 1837 worden ze samengebracht in één regiment dat Verenigde Grenadiers en Tirailleurs wordt genoemd. Hun vlag wappert vanaf 25 augustus 1838. Op 1 januari 1839 krijgen ze de naam van Elite-regiment, vijftien jaar later worden ze het Regiment Grenadiers.

Op 14 maart 1838 erkent Willem van Oranje ten langen leste het verdrag van de XXIV artikelen. In ruil vraagt hij de terugtrekking van onze troepen uit Venlo. Aanvankelijk is België niet echt happig en opnieuw stijgt de spanning. De grote mogendheden kiezen partij voor Willem en in april 1839 trekt België zich terug. Op 21 juni wordt Venlo geëvacueerd en kent ons leger eindelijk rust.
Ondanks de genormaliseerde relaties met Nederland blijven er kritieke momenten. De republikeinse rellen aan de grenspost van Risquons-Tout nabij Moeskroen en de openlijke conflicten tussen twee grote mogendheden in de Frans-Duitse oorlog van 1870 zorgen voor onrust. Ons leger evolueert verder om zich te kunnen aanpassen aan nieuwe dreigingen.

Tot aan het begin van de 20ste eeuw volgen belangrijke werken in de vestingen van Luik, Namen en Antwerpen elkaar in snel tempo op. In 1842 is er een eerste herstructurering van het veldleger. Voor de infanterie beperkt die zich tot enkele interne wijzigingen aan de regimenten. Bij de cavalerie verandert er niets, terwijl de artillerie een vierde regiment bij krijgt. In 1843 krijgt het 1ste Regiment Jagers te Voet nieuwe Delvigne-Pontcharra-karabijnen. In 1847 vormen ze het 1ste Regiment Jagers-Karabiniers, later worden ze het 1ste Regiment Karabiniers. In 1847 smelten de tien eenheden van de genie samen tot twee bataljons en in 1868 tot één enkel regiment. Datzelfde jaar reorganiseert de artillerie zich in drie veldregimenten, waarvan één te paard, en drie belegeringsregimenten. Doordat vuurwapens evolueren en efficiënter worden, laat de cavalerie in 1863 het kuras vallen. De twee regimenten kurassiers worden vanaf dan het 3de en 4de Lansiers.
Sinds 1831 beschikt België ook over een kleine oorlogsvloot met een minimale bezetting van vijfhonderd manschappen. De vloot bestaat uit een zestal kleine schepen en een handvol kanonneerboten die door de Nederlanders zijn achtergelaten. Die worden vanaf 1848 ontwapend en nadien verkocht of vernietigd.

Versterkingen

België ontsnapt ternauwernood aan het Frans-Duitse conflict van 1870 dat langs de grenzen raast. De daaropvolgende drie jaren versterkt het leger zich. De infanterie krijgt er een 13de en 14de Linieregiment en een nieuw 1ste Regiment Jagers te Voet bij. De cavalerie wordt een 2de Regiment Gidsen rijker. In 1837 komt een vierde regiment de veldartillerie versterken. De belegerings-artillerie, herdoopt in Vestingartillerie, zal op het eind van de eeuw uiteenvallen in vijf regimenten. De genie blijft beperkt tot één enkel regiment maar telt bij het begin van de twintigste eeuw wel vijf bataljons.

Onze militairen schitteren ook buiten de eigen grenzen, zowel individueel als in groep. In Portugal in 1832-1833, in de Pauselijke Staten tussen 1860 en 1870, in Mexico van 1864 tot 1867 en uiteindelijk in Kongo, waar Leopold II een Belgische kolonie wil stichten.
Rond de eeuwwisseling duiken allerhande vernieuwingen op. De mitrailleur doet zijn intrede bij de infanterie op basis van één eenheid per regiment. Vanaf 1898 krijgt elk bataljon van de eenheid van karabiniers er een wielereenheid bij. In 1911 worden deze eenheden samengebracht in één bataljon, dat in 1913 onafhankelijk wordt onder de benaming 1ste Bataljon Karabiniers-Wielrijders.

Zwarte onweerswolken hangen dreigend boven Europa en er volgen weer nieuwe versterkingen. De infanterie trekt het aantal regimenten op tot twintig door een 2de Regiment Karabiniers op te richten. De cavalerie breidt het aantal regimenten uit van acht tot twaalf, door de oprichting van het 5de Lansiers en het 3de en 4de Jagers te Paard. In augustus 1914 staan enkel het 5de Lansiers en het 4de Jagers te Paard paraat. De veldartillerie moet opgetrokken worden tot zes eenheden waarvan één onafhankelijke groep te paard. Al deze eenheden zullen in 1914 klaar staan, helaas met onvolledige uitrusting.

Gedurende al die jaren is ons leger zeer goed bemand, de rekrutering gebeurt via loting. De sinds 1835 bestaande mogelijkheid om te ruilen, biedt rijke burgers de kans om te ontsnappen aan de dienstplicht. Dit oneerlijke systeem veroorzaakt een toestroom van onbetrouwbare individuen die enkel op geldgewin uit zijn. Vóór zijn dood, in 1909, schaft koning Leopold II de loting af. Vanaf dan bestaat de dienstplicht voor één zoon per gezin. Vier jaar later legt koning Albert I de dienstplicht op aan elke mannelijke inwoner, ook al zal het tot na de Eerste Wereldoorlog duren voor dit besluit in werking treedt.

http://www.mil.be/vox/subject/index.asp ... 916&PAGE=3
Greetings from a Little Gallant Belgian
Patrick De Wolf
Militaria-Ruilbeurs Hangar 42 Dendermonde,http://www.facebook.com/Hangar42Militaria
There is a very fine line between "hobby" and "mental illness".

Gebruikersavatar
Paddy
Berichten: 7570
Lid geworden op: 28 mei 2011 10:25
Locatie: Dendermonde, Idiot Trench
Contacteer:

Re: De geboorte van een leger, 1830-1909

Bericht door Paddy » 28 mei 2011 15:58

Gepard schreef:l. Het Belgisch Leger van 1830 tot 1865

1.1. Een nieuwe staat

Willem I van Oranje, vorst van de in 1815 weer samengebrachte Nederlanden, is de geschiedenis ingegaan als iemand die het niet echt slecht voor had met de Zuidelijke Nederlanden, maar die anderzijds te weinig rekening hield met plaatselijke gevoeligheden 1
De Zuidelijke Nederlanden zaten onder de Fransen feitelijk in een roofeconomie, terwijl Willem I er een industrialiseringspolitiek voerde en zo welvaart bracht in een onder Frans bewind verarmd gebied. De tegenstellingen tussen Noord- en Zuid-Nederland waren anderzijds relatief groot, zowel godsdienstig als taalkundig en economisch. De macht van Koning Willem I werd autoritair ondersteund door een administratie en een leger dat qua leidinggevende functies grotendeels Hollands was. Numeriek was dit niet echt een weerspiegeling van de werkelijkheid: de zuidelijke Nederlanden telden destijds ongeveer vier miljoen inwoners en de noordelijke Nederlanden slechts twee miljoen.
In 1830 komt de afscheiding. Liberalen en katholieken vonden elkaar in een onafhankelijkheidsdrang, die krachtdadig ondersteund werd vanuit voornamelijk Franstalige middens 2 . De hongerwinter van 1829-1830 en een vrij belangrijke door industrialisering ontstane werkloosheid zorgden voor een extra voedingsbodem tot opstand tegen het Nederlandse gezag3: er was een vlot mobiliseerbare massa van vrijwilligers aanwezig, feitelijk de kern van wat het nieuwe Belgische Leger zou worden.
De "Stomme van Portici" met zijn oproep tot onafhankelijkheid - in de opera voor de met Spanje te bevechten Napolitaanse onafhankelijkheid - leidde op 25 augustus in Brussel tot wat allicht een georchestreerde eerste oproer mag genoemd worden, die snel uitbreiding vond naar andere steden. Zo werd reeds op 2 september in Leuven gepoogd het plaatselijk garnizoen, gekazerneerd in de Tiensestraat, te ontwapenen. De plaatselijke commandant, een Luikenaar en geen Hollander, liet vuren op de menigte met vijf doden tot gevolg. Het garnizoen droop vervolgens af en liet de stad in handen van de opstandelingen4.
Willem I voelde gauw aan dat een gewapend ingrijpen zich opdrong. Op 23 september 1830 rukte een groot Nederlands leger op naar Brussel. Het wilde via vier verschillende stadspoorten de centraal verzamelde opstandelingen - meer van over het gehele land samengestroomde vrijwilligers dan Brusselaars - verpletteren. Na vier dagen van intense stadsgevechten, vooral in en nabij het Warandepark, droop het Nederlands leger af. Beide partijen telden ongeveer vijfhonderd doden.

Lees verder:
http://users.skynet.be/kkrol/Belang/175jaarABL.html#1
Greetings from a Little Gallant Belgian
Patrick De Wolf
Militaria-Ruilbeurs Hangar 42 Dendermonde,http://www.facebook.com/Hangar42Militaria
There is a very fine line between "hobby" and "mental illness".

Plaats reactie

Terug naar “1830-1914”